Tooldetective

Nul procent doorligwonden? Het. Kan. Echt.

Decubitus – in de volksmond ‘doorligwonden’ – lijkt onlosmakelijk verbonden met een langdurig verblijf in een zorginstelling. Bij het centrum voor Reuma en Revalidatie Rotterdam (RRR) wisten ze het aantal nieuwe decubitusgevallen in drie jaar tijd terug te brengen van 9 procent naar nul. Tooldetective wil weten hoe.

Auteur: Marte van Santen

Doorligwonden. Dat klinkt vooroorlogs.
Was het maar waar. Decubitus in de chronische zorg is de afgelopen jaren gelukkig flink

teruggedrongen

In de chronische zorg was de prevalentie in 2013 2,3 procent (exclusief categorie I). Classificatie decubitus:
• Categorie I: Niet-wegdrukbare roodheid bij een intacte huid
• Categorie II: Huidletsel dat zich beperkt tot de opperhuid en aanwezigheid van en/of blaarvorming, en/of ontvelling.
• Categorie III: Huiddefect met schade of necrose van huid en onderhuids weefsel (subcutis). De schade kan zich uitstrekken tot aan het onderliggende bindweefselvlies (fascie)
• Categorie IV: Uitgebreide weefselschade of weefselversterf (necrose) aan spieren botweefsel of ondersteunende weefsels.

. Maar in de acute zorg en de thuiszorg steeg het cijfer vorig jaar juist iets, naar respectievelijk 4,7 en 2,8 procent. Op de IC’s van algemene ziekenhuizen komt decubitus het meest voor: 13,4 procent. Er valt dus nog genoeg te verbeteren.

Waar op het lichaam komen de wonden het meest voor?
Op de stuit en de hielen. Bijvoorbeeld mensen die langdurig liggen of zitten of een slechte doorbloeding of ondergewicht hebben, lopen een verhoogd risico op deze moeilijk behandelbare aandoening. Bij een op de drie patiënten zijn de wonden ook pijnlijk, met een gemiddelde score van 4,6 op een schaal van 10. Bovendien kost de behandeling van al die wonden de maatschappij veel geld, naar schatting jaarlijks 300 miljoen euro.

Wat heeft decubitus met patiëntveiligheid te maken?
Alles. Mensen gaan naar een zorgverlener om geholpen te worden, niet om meer gezondheidsproblemen te krijgen. En het is wel degelijk gevaarlijk: jaarlijks overlijden enkele honderden mensen aan de complicaties van decubitus.

Hoe lukte het RRR om nieuwe decubitusgevallen uit te bannen?
Het RRR heeft onder andere een verpleeghuis en een klinisch revalidatiecentrum. Bij uitstek instellingen met een hoog decubitusrisico. Met dat in het achterhoofd zijn zij in 2006 de 0% Challenge van Doove Medical aangegaan, een specialist in hulpmiddelen ter preventie en behandeling van decubitus. Dit bedrijf ontwikkelde een aanpak met als doel doorligwonden in instellingen tot nul te reduceren en daagt klanten uit dit waar te maken. Bij het RRR is dat – in ieder geval voor nieuwe gevallen – binnen drie jaar gelukt.

Nogmaals, hoe dan?
Het begon met de vraag: is er wel een samenhangend anti-decubitusbeleid in onze instelling? Daarna is een nieuwe werkwijze geïntroduceerd die mogelijke doorligwonden eerder opspoort. Met onder andere speciale software die kan meten of patiënten onvoldoende draaien (en dus een verhoogd risico op decubitus lopen) en een eenvoudige checklist aan de hand waarvan je kunt bepalen wat het juiste anti-decubitushulpmiddel is voor welke patiënt. En blijven monitoren en meten natuurlijk.

‘De behandeling van een decubituswond kost gemiddeld 1200 euro per maand. Elke in preventie geïnvesteerde euro verdient zich drie maal terug’

Prachtig hoor, zo’n nieuw systeem. Maar uiteindelijk draait het om de inzet van mensen.
De invoering ervan ging zeker niet vanzelf, erkent Janet Gräper, praktijkopleider en voorzitter van de decubituscommissie in het RRR. Zo’n nieuwe aanpak vraagt een andere mentaliteit van medewerkers. Decubitus is niet langer een ‘bedrijfsrisico’, maar een onacceptabel gezondheidsprobleem dat niet binnen de muren van een instelling thuishoort. Het heeft jaren gekost om dat bij iedereen goed tussen de oren te krijgen, aldus Gräper. Nu zijn alle medewerkers trots op het resultaat. Want met al het sombere nieuws over de zorg is het ook leuk om eens iets positiefs over je werk te kunnen melden.

Wat was de grootste uitdaging?
Volgens Gräper om het aantal nieuwe gevallen niet alleen op nul te krijgen, maar het daar ook te houden. In het RRR is dat onder andere gelukt door af te spreken dat elke patiënt dagelijks op decubitus wordt gecontroleerd. En op iedere afdeling zijn er twee verpleegkundigen aangewezen die de aanpak steeds weer bij hun collega’s promoten en in de gaten houden of die goed wordt uitgevoerd. Verder krijgt het personeel regelmatig bijscholing over decubitus.

Het klinkt als een duur preventieprogramma.
Natuurlijk moet je investeren. Maar je bespaart ook veel doordat je minder zorg hoeft te verlenen. Het scheelt wel 1fte per vijftig patiënten, aldus het RRR. Elke (in preventie geïnvesteerde) euro verdient zich drie maal terug, zegt de directeur van Doove Medical. De behandeling van een decubituswond kost namelijk gemiddeld 1200 euro per maand.

Is het RRR de enige instelling die aan de Challenge meedoet?
Nee, in totaal zijn dat er tien. Het RRR is tot nu toe wel de enige waar de 0% is gehaald.

Iedere zorginstelling aan de 0% Challenge dus?
Natuurlijk, maar denk niet dat het eenvoudig is. De aanpak vraagt constante alertheid en inzet voor het probleem op alle niveaus. Daar moet je je als organisatie wel aan willen committeren.

 

 


De Tooldetective
In de serie De Tooldetective gaan we op zoek naar veelbelovende projecten die de zorg veiliger zouden moeten maken. Zijn ze succesvol en kunnen anderen ervan leren? Of zijn ze een stille dood gestorven?

  1. 1501 white paper decubitusMeer weten over de 0% Challenge? Lees hier de white paper van Doove Medical: ‘Decubitus: onvermijdelijk of onnodig?’

  2. Met medewerking van Janet Gräper, praktijkopleider en voorzitter van de decubituscommissie in het RRR, en Marcel van der Burg, commercieel directeur van de Doove Care Groep.

Share Button

One thought on “Nul procent doorligwonden? Het. Kan. Echt.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *